Code en kwel
"Veel programmeurs zijn ervan overtuigd dat ze hun eigen baas zijn omdat ze mogen kiezen wanneer ze werken."
11 februari 2004 | John C. Dvorak
De sadomasochistische aard van programmeren zorgt ervoor dat open bron-software altijd beter zal zijn dan commerciële software. Dit lijkt vergezocht, maar het kan verklaren waarom de open bron-beweging zoveel uitstekende code produceert.
Onlangs begon ik te experimenteren met de mailclient in de jongste versie van Mozilla, een open bron-internetsuite. Ik zocht een alternatief voor Outlook Express uit bezorgdheid over de virussen die de zwakke plekken in dat programma uitbuiten. Mijn voornaamste e-mailclient is lang Eudora geweest, maar door een stortvloed aan spam is Eudora onbruikbaar geworden. Mijn filtermechanisme, Spamnix, houdt niet voldoende spam tegen. Om het nog erger te maken, komt de spam aan met valse data, zodat door mijn hele mailbox verspreid zit.
Daarom besloot ik de Mozilla-client te testen, die een ingebouwd, hybride Bayesiaans spamfilter gebruikt. Deze werkt goed, maar niet perfect. Van elke 100 berichten die ik krijg, zijn er ongeveer 10 echt en 90 spam - dat lijkt me een vrij gebruikelijk percentage.
Mozilla onderschept 80 van de 90 spamberichten, zodat ik 20 mails overhoud - 10 echte en 10 spams. In theorie zou de Mozilla-client slimmer moeten worden en steeds meer spam tegenhouden.
Toen ik wat vragen over de Mozilla-mailclient aan de makers ervan voorlegde, merkte ik op hoe verschillend die conversatie verliep vergeleken met mijn ervaringen met commerciële softwaremakers. Mijn contactpersoon bij Mozilla vond blijkbaar dat mijn suggesties nuttig waren en dat mijn kritiek ertoe zou leiden dat het product beter werd.
Waarom denkt een open bron-ontwikkelaar zo, in plaats van gewoon te mompelen: ?Waarom laat die kerel met niet met rust? Kan hij niet gewoon tevreden zijn met wat we al doen??. Of erger nog, hij zou kunnen zeggen: ?Tja, het is gratis - wat had je verwacht??.
Tenzij open bron-ontwikkelaars een beurs krijgen, werken ze uit liefde voor hun werk. Ik weet zeker dat ze graag geprezen worden voor goed werk, maar hoeveel kritiek kunnen ze slikken? Hoeveel kritiek kunnen ze aanhoren voor ze het project de rug toekeren en de gebruikers aan hun lot overlaten?