Apple's ware gezicht
'De glanzende façade bleek een flinterdun wandje'
24 november 2005 | Lars Pasveer
Ik heb ooit een tijdje voor de televisie gewerkt. Eenmaal op de set bleken de decors bij nadere inspectie niet half zo gelikt als ik altijd dacht. De wanden waren flinterdun, sommige delen werden met plakband bijeengehouden en de kussens op de publiekstribunes waren versleten. Het contrast tussen huiskamer en productievloer bleek enorm te zijn. Ik heb eenzelfde opmerkelijk contrast ontdekt bij Apple, het meest verdedigde computermerk op aarde.
Zo'n vier maanden geleden kocht ik voor 2100 euro een Power Mac G5 - met afstand de duurste computer die ik ooit aanschafte. Apple-vrienden hadden mij in oneindig herhaalde mantra's al ongekend genot beloofd als ik zou switchen. En inderdaad: er braken drie redelijk geruisloze wittebroodsmaanden aan.
De problemen ontstonden toen mijn tweede interne harde schijf met een luide tik de geest gaf. Ik had gelukkig back-ups gemaakt en een dergelijke crash is, hoewel zeldzaam, helaas altijd mogelijk. De 300 gigabyte grote schijf kon ik gelukkig zonder problemen ruilen bij de plaatselijke Mycom.
Nadat ik de nieuwe schijf had geplaatst en geformatteerd, gaf deze, na het kopiëren van welgeteld één bestand, met een charmant zwierend geluid de geest. Vervelende bijkomstigheid was dat nu ook de door Apple geleverde hoofdschijf stuk was. De teller stond daarmee op 760 overleden gigabytes.
Kansberekening sloot de harde schijven als schuldigen inmiddels uit. Via Apple's helpdesk kreeg ik het adres van een erkende reparatiedienst en dat was het moment waarop ik de set van mijn eigen Apple-soap opliep.
Mac-winkels zijn veelal stijlvolle locaties, fraai uitgelicht en uitgevoerd in heldere zwart-witte, Mondriaanse lijnen. Het contrast met de reparatiedienst kon niet groter: een onopvallend gebouw, gevestigd in een uithoek van een druilerig industrieterrein buiten Utrecht met aan het begin van de straat een overwoekerde ruïne van een nooit afgebouwd kantoor.
Ik liet mijn machine achter bij een al even doorsnee loket. Het wachten kon beginnen. Na een tergend analoge week, waarin ik mijn achterstallige boekenlijst flink kon inlopen, stond de Power Mac met een nieuwe harde schijf op mijn bureau. Ik was inmiddels nog eens bij Mycom langsgeweest en had wederom zonder morren een nieuwe schijf van 320 gigabyte meegekregen.
Het zag er goed uit. De machine startte op, reageerde snel en nét nadat ik hem weer helemaal had ingericht, overleden zowel de eerste als tweede harde schijf kort na elkaar. Dat was trouwens op een zondag eind augustus, wellicht heeft u die dag in de verte een gesmoorde vloek gehoord. Indrukwekkende eindstand: 1,2 terabyte naar de haaien.