Resultaten Apple's iPod-onderzoek bekend
Uitgebreide blik op Chinese arbeidsomstandigheden
18 augustus 2006 | Lars Pasveer
Eind juni kwamen via de Britse krant Mail on Sunday missstanden aan het licht in een fabrieken van Foxconn, een Chinese onderaannemer die de iPod bouwt. Na een uitgebreid onderzoek deelt Apple daar nu de resultaten van.
In een gedetailleerd verslag meldt Apple dat het geen bewijzen heeft gevonden dat er in de locaties sprake was van dwang- of kinderarbeid. Bijzondere aandacht ging volgens Apple uit naar de procedures rond het achterhalen van vervalste papieren - de populairste manier om minderjarigen aan het werk te krijgen.
Verder blijkt Apple - zoals het in juni toezegde - grondig werk te hebben verricht: informatie uit personeelsgegevens en informatie uit gesprekken met werknemers en management werden vergeleken met ploegendiensten aan de productielijn, de salarisadministratie en logbestanden van de toegangscontrole. Zo is de accuratesse van de verstrekte gegevens gecontroleerd.
Apple stelt dat de productiefaciliteit in China zo'n 20.000 mensen herbergt - "een kleine stad" - al maakt Apple volgens eigen zeggen van ongeveer 15 procent van de werkkrachten ook daadwerkelijk gebruik.
Werknemers hebben de beschikking over onderkomens, banken, een postkantoor, ziekenhuis en supermarkten en een reeks ontspanningsfaciliteiten (voetbalvelden, zwembad, tv-kamers en internetcafés). De onderkomens op het bedrijfsterrein zelf waren in orde, vond Apple, maar over drie slaapverblijven buiten de fabriek was het ontevreden. De voormalige fabrieksruimtes bevatten bedden in een open ruimte en boden werknemers onvoldoende privacy. Foxconn zou volgens Apple de komende vier maanden zelf nieuwe faciliteiten bijbouwen.
Volgens een controle van de boekhouding verdienen alle werknemers minstens het minimumloon, met ruim de helft van alle werknemers iets daarboven. Er zijn bonusregelingen en een jaarlijkse gratis medische controle. Apple is ontevreden over de "onnodig complexe" bestalingsstructuur. Op aandringen van Apple is dat nu vervangen door een overzichtelijker salarisstructuur.
Werknemers klaagden tegen Apple dat overwerk officieel wel mag worden geweigerd, maar dat het in de praktijk niet voorkomt. In 35 procent van alle gevallen werd wekelijks meer dan 60 uren gewerkt (het door Apple toegestane maximum, mits er een vrije dag tussen zit); in 25 procent zelfs meer dan zes dagen achtereen.
Volgens de regels is incidenteel overwerk toegestaan, maar Apple vond deze cijfers "buiten proportie" en heeft Foxconn aan de 60 uur-regel herinnerd. Alleen toezichthouders mogen toestemming geven om van deze
Code of Conduct af te wijken. Opmerkelijk genoeg constateerde Apple ook klachten over het gebrek aan overwerk in rustige periodes.